De Wasvrouwen

De schone zit al bij de vliet
nu je vrij en gelijk en broederlijk bent mag je vrijen
De schone zit al bij de vliet
Haar lakens was zij wit, ja haar lakens was zij wit.

Terwijl zij naar haar lakens ziet
nu je vrij en gelijk en broederlijk bent mag je vrijen
Terwijl zij naar haar lakens ziet
Haar ring valt in de vliet, ja haar ring valt in de vliet.

Zij laat haar tranen vrije baan
nu je vrij en gelijk en broederlijk bent mag je vrijen
Zij laat haar tranen vrije baan
Een visser ziet haar staan, ja een visser ziet haar staan.

Ach zoek mijn ring mijn visser lief
nu je vrij en gelijk en broederlijk bent mag je vrijen
Ach zoek mijn ring mijn visser lief
Jij bent mijn hartedief, ja jij bent mijn hartedief

Maak jij je met mijn ring weer blij
nu je vrij en gelijk en broederlijk bent mag je vrijen
Maak jij je met mijn ring weer blij
Vraag wat je wilt aan mij, ja vraag wat je wilt aan mij,
ja vraag wat je wilt aan mij.